Why Are Environmentalists Taking Anti-Science Positions?

Fred Pearce, een gekende journalist die vaak over milieuzaken publiceert, schreef onlangs in het gezaghebbende Yale Environment 360 een opiniestuk met de titel “Why Are Environmentalists Taking Anti-Science Positions?”. Hij is de zoveelste in een rijtje (van ecopragmatisten) die de dogmatische stromingen omtrent sommige topics, die jammergenoeg in de milieubeweging binnengeslopen zijn, in vraag stelt.

On issues ranging from genetically modified crops to nuclear power, environmentalists are increasingly refusing to listen to scientific arguments that challenge standard green positions. This approach risks weakening the environmental movement and empowering climate contrarians.

by fred pearce

From Rachel Carson’s Silent Spring to James Hansen’s modern-day tales of climate apocalypse, environmentalists have long looked to good science and good scientists and embraced their findings. Often we have had to run hard to keep up with the crescendo of warnings coming out of academia about the perils facing the world. A generation ago, biologist Paul Ehrlich’s The Population Bomb and systems analysts Dennis and Donella Meadows’ The Limits to Growth shocked us with their stark visions of where the world was headed. No wide-eyed greenie had predicted the opening of an ozone hole before the pipe-smoking boffins of the British Antarctic Survey spotted it when looking skyward back in 1985. On issues ranging from ocean acidification and tipping points in the Arctic to the dangers of nanotechnology, the scientists have always gotten there first — and the environmentalists have followed.

And yet, recently, the environment movement seems to have been turning up on the wrong side of the scientific argument. We have been making claims that simply do not stand up. We are accused of being anti-science — and not without reason. A few, even close friends, have begun to compare this casual contempt for science with the tactics of climate contrarians.

That should hurt.

Het volledige en zeer interessante opiniestuk vind je terug op de Yale 360 site. Hier gaat journalist Keith Kloor in een blogpost ook dieper in op deze materie. 

Nieuwe studie die de veiligheid van Bt-maïs onderschrijft

Effects of Feeding Bt Maize to Sows during Gestation and Lactation on Maternal and Offspring Immunity and Fate of Transgenic Material

Background

We aimed to determine the effect of feeding transgenic maize to sows during gestation and lactation on maternal and offspring immunity and to assess the fate of transgenic material.

Methodology/Principal Findings

On the day of insemination, sows were assigned to one of two treatments (n = 12/treatment); 1) non-Bt control maize diet or 2) Bt-MON810 maize diet, which were fed for ~143 days throughout gestation and lactation. Immune function was assessed by leukocyte phenotyping, haematology and Cry1Ab-specific antibody presence in blood on days 0, 28 and 110 of gestation and at the end of lactation. Peripheral-blood mononuclear cell cytokine production was investigated on days 28 and 110 of gestation. Haematological analysis was performed on offspring at birth (n = 12/treatment). Presence of the cry1Ab transgene was assessed in sows’ blood and faeces on day 110 of gestation and in blood and tissues of offspring at birth. Cry1Ab protein presence was assessed in sows’ blood during gestation and lactation and in tissues of offspring at birth. Blood monocyte count and percentage were higher (P<0.05), while granulocyte percentage was lower (P<0.05) in Bt maize-fed sows on day 110 of gestation. Leukocyte count and granulocyte count and percentage were lower (P<0.05), while lymphocyte percentage was higher (P<0.05) in offspring of Bt maize-fed sows. Bt maize-fed sows had a lower percentage of monocytes on day 28 of lactation and of CD4+CD8+ lymphocytes on day 110 of gestation, day 28 of lactation and overall (P<0.05). Cytokine production was similar between treatments. Transgenic material or Cry1Ab-specific antibodies were not detected in sows or offspring.

Conclusions/Significance

Treatment differences observed following feeding of Bt maize to sows did not indicate inflammation or allergy and are unlikely to be of major importance. These results provide additional data for Bt maize safety assessment.

Volledige artikel vind je hier. 

Gouden Rijst Werkt!

Background: Golden Rice (GR) has been genetically engineered to be rich in b-carotene for use as a source of vitamin A.
Objective: The objective was to compare the vitamin A value of b-carotene in GR and in spinach with that of pure b-carotene in oil when consumed by children.
Design: Children (n = 68; age 6–8 y) were randomly assigned to consume GR or spinach (both grown in a nutrient solution contain- ing 23 atom% 2H2O) or [2H8]b-carotene in an oil capsule. The GR and spinach b-carotene were enriched with deuterium (2H) with the highest abundance molecular mass (M) at Mb-C+2H10. [13C10]Ret- inyl acetate in an oil capsule was administered as a reference dose. Serum samples collected from subjects were analyzed by using gas chromatography electron-capture negative chemical ionization mass spectrometry for the enrichments of labeled retinol: Mretinol+4 (from [2H8]b-carotene in oil), Mretinol+5 (from GR or spinach [2H10]b- carotene), and Mretinol+10 (from [13C10]retinyl acetate).
Results: Using the response to the dose of [13C10]retinyl acetate (0.5 mg) as a reference, our results (with the use of AUC of molar enrichment at days 1, 3, 7, 14, and 21 after the labeled doses) showed that the conversions of pure b-carotene (0.5 mg), GR b-car- otene (0.6 mg), and spinach b-carotene (1.4 mg) to retinol were 2.0, 2.3, and 7.5 to 1 by weight, respectively.
Conclusions: The b-carotene in GR is as effective as pure b-carotene in oil and better than that in spinach at providing vitamin A to chil- dren. A bowl of w100 to 150 g cooked GR (50 g dry weight) can provide w60% of the Chinese Recommended Nutrient Intake of vitamin A for 6–8-y-old children.

Volledige artikel vind je hier.  

Meer info omtrent gouden rijst vind je op de site van IRRI. 

Als je ratten gebruikt met 72% kans op tumorontwikkeling, dan vind je waarschijnlijk ook tumoren!

via The Genetic Tomato (@Gentomaat)

Update 2

Ondertussen lopen de eerste officiële en uitgebreidere wetenschappelijke analyses en commentaren op de studie van Séralini binnen.

Een Nederlandstalige analyse vind je in deze publicatie van het VIB.
Een Engelstalige analyse vind je via het EFSA. 

In de laatste uitgave van FCT staan maar liefst 17 letters to editor en andere commentaren op de Séralini studie.

Op 19 september lanceerde Séralini een nieuwe studie waarin hij schijnbaar aantoont dat het eten van GGO’s kankerverwekkend is. Dat er een grote mediacampagne opgezet werd, konden we merken in de pers. Maar is dit wel terecht? Of past deze studie eerder in het rijtje van zijn vorige studie’s, die achteraf extreem gebrekkig bleken en al lang door verschillende experts onderuit gehaald werden. Eerst en vooral de paper waar het dus over gaat met als titel; “Long term toxicity of a Roundup herbicide and a Roundup-tolerant genetically modified maize”.

Dat dit de eerste langetermijnstudie zou zijn is natuurlijk complete onzin. Bv. uit dezelfde, ja dezelfde journal dit overzicht. Maar ook hier vind je een uitgebreide bloemlezing. Nogal onbegrijpbaar dat Séralini, waarvan je toch zou verwachten dat hij zijn literatuur kent, in zijn artikel nergens naar dergelijke studies verwijst. Studies die er zijn, beter uitgevoerd zijn en die compleet het tegenovergestelde van wat hij stelt aantonen. Dat laatste zou er natuurlijk ook wel voor iets tussen kunnen zitten…

Inhoudelijk zijn er bij deze studie heel wat vraagtekens te zetten bij zowel de methodologie, resultaten als presentatie van het geheel. De lijn in die commentaar komt hoofdzakelijk overeen met het gebrekkige onderzoek dat door hem reeds werd gepubliceerd en op deze site grondig becommentarieerd werd. Een overzicht van commentaren op de studie vind je onderaan dit artikel, hier alvast enkele samengevat.

- Een van de belangrijkste is echter het gebruik van SD ratten. Séralini vergeet “toevallig” te vermelden dat deze soort enorm vatbaar is voor het ontwikkelen van kankers. Tot 86% van de mannelijke en 72% van de vrouwelijke ratten blijken spontaan kanker te vertonen voor het bereiken van de leeftijd van 2 jaar. Andere studies bevestigen hoge percentage van spontane tumorontwikkeling. Dit in combinatie met beperkte aantallen ratten per (controle) groep, maakt het mogelijk om de resultaten van Séralini puur op basis van kans te bekomen. Die foto’s met enorme kankergezwellen hadden dus evengoed controles geweest kunnen zijn. De wetenschappelijke relevantie van die figuren? Nihil!

- Men geeft in de paper zelf toe aan cherrypicking te doen en enkel de “mooiste” resultaten te vermelden. (‘All data cannot be shown in one report and the most relevant are described here’ ). Nochtans bestaat er zoiets als supplemental material als je niet alles in je paper zelf krijgt.

- Op geen enkele manier kan Séralini een dose-response relatie aantonen, enorm bevreemdend net omdat bijna alle toxische effecten dergelijke relatie vertonen. Séralini verklaart dit door te stellen dat het effect aan zeer lage concentraties optreedt en dan gelijk blijft voor hogere concentraties. Ten eerste is dat een conclusie die je uit deze data niet zomaar kunt trekken en daarnaast is het feit dat er helemaal geen effect is van R en GMO minstens even waarschijnlijk.

En nog twee mss heel specifieke voorbeelden:

-Uit figuur 1 blijkt dat de mannelijke ratten gevoed op op GMO of Roundup bij de hoogste gebruikte concentraties langer leven als de controle groep zonder GMO of R. Uit figuur 2 zou dan moeten blijken dat diezelfde mannetjes vroeger tumoren ontwikkelen…
-In tabel 3 zie je dan weer dat effecten van Roundup (A) (1 miljardste procent R) in veel gevallen een groter effect heeft dan (C), de hoogste concentratie R, namelijk 0.5%.

(Wie figuur 1 ook verwarrend vindt kan hier wat extra uitleg verkrijgen.)

Uit dergelijke resultaten kun je niets anders besluiten dan dat het om natuurlijke, experimentele variatie gaat.

Er valt verder nog heel wat commentaar te geven (zie refs bovenaan), maar de bottom line is toch wel dat dit sub-standaard onderzoek is waarvan het eigenlijk onbegrijpbaar is dat het door peer-review geraakt is. Uiteindelijk toont dit onderzoek aan dat SD ratten heel vaak deze vorm van kanker ontwikkelen voor het bereiken van de leeftijd van 2 jaar. Niets nieuws dus, want dat weten we reeds uit dat onderzoek uit 1979. Het heeft echter niets met GGO noch met R te maken.

Ook de communicatie omtrent de ganse studie is op zijn zachtst gezegd nogal vreemd. Zo hadden journalisten reeds toegang tot de studie, vooraleer ze gepubliceerd werd in Food and Chemical Toxicology, maar werd het hen verboden om buitenstaanders en experten om een mening te vragen bij het schrijven van hun artikels?! En op 20 september wordt op een persconferentie in het Europese Parlement het onderzoek voorgesteld en toegelicht door Séralini en EP Corinne Lepage, die toevallig net haar anti-ggo boek publiceert. Gaat het nu om de wetenschap of om politiek gewin? Dat volgende week ook Séralini een anti-ggo boek lanceert en een anti-ggo film mét deze tumor foto’s (voor hen geen embargo) maakt natuurlijk veel duidelijk.

Het is ook bevreemdend om te merken dat bepaalde mensen steeds op hun achterpoten gaan staan als blijkt dat onderzoek belangenconflicten vertoont of gesponsord werd door multinationals en er hier blijkbaar geen vuiltje aan de lucht is. Het feit dat Séralini, die zichzelf verleden jaar nog uitriep tot “International scientist of the year” voor het luttele bedrag van 375$ via CRIIGEN sterke banden onderhoudt met Greenpeace, dat Séralini een anti-ggo agenda heeft, anti-ggo boeken schrijft en het onderzoek voor meer dan 3 miljoen euro gesponsord werd door Auchan, Carrefour en FPH is hier dan geen probleem?

Update

Een belangrijk punt dat door o.a. “memsommerville” geopperd wordt en waar in dit artikel dieper op ingegaan wordt belangt het standaard voedsel van laboratten. Reeds meer dan een decennium bevat het voedsel van laboratten in Amerika ggo’s, in Europa is dit minder gebruikelijk, maar niet volledig uit te sluiten. Hoe komt het dat in al die jaren in alle wetenschappelijke experimenten die op ratten werden uitgevoerd dergelijke toename in tumorontwikkeling, ten opzichte van de vorige decennia, onzichtbaar is gebleven? Of hoe komt het dat Europese labo-ratten niet langer leven in afwezigheid van ggo-voedsel?

Overzicht commentaren

-Stenographers, anyone? GMO rat study authors engineered embargo to prevent scrutiny
-Was Séralini GMO study designed to generate negative outcome?
-Under Controlled: Why the New GMO Panic Is More Sensational Than Sense
-I smell a rat.
-Monsanto’s GM Corn And Cancer In Rats: Real Scientists Deeply Unimpressed. Politics Not Science Perhaps?
-Expert reaction to GM maize causing tumours in rats
-Why I think the Seralini GM feeding trial is bogus
-in which I blow a gasket and get very uppity about this GM-food study which appears to have everyone going nuts at the moment
-Study linking GM crops and cancer questioned
-NK603
-Society of Biology responds to latest GM food study
-GM Corn-Tumor Link Based on Poor Science
-Franse studie met genetisch gemodificeerde mais onder vuur
-Proof Perfect That The Seralini Paper On GM Corn And Cancer In Rats Is Rubbish
-From Darwinius to GMOs: Journalists Should Not Let Themselves Be Played
-Was it the GMOs or the BPA that did in those rats?
-Summary of criticism and questions on “Long term toxicity of a Roundup herbicide and a Roundup-tolerant genetically modified maize” collated from published expert commentary and from correspondence with Sense About Science.
-Pour quelques rats de plus
-Derrière l’étude qui dézingue les OGM…
-GMO Opponents Are the Climate Skeptics of the Left
-Lacunes, résultats inexplicables: l’étude anti-OGM sur la sellette
-Les dégâts collatéraux d’une « étude choc » sur les OGM qui fait « pschitt »

 

 

GM plants represent low risk, say scientists

Genetically modified (GM) plants present little danger for the environment or people’s health, according to Swiss researchers. Also, while they offer almost no benefit to farmers now, this could change if plants had the right properties.

The government requested a national research programme on the risks and benefits of GM plants after the Swiss voted for a five-year moratorium on their use in 2005. The moratorium was extended for another three years by parliament.

 Between 2007 and 2011, 30 projects were launched as part of the programme at a total cost of around SFr12 million ($12.5 million). Eleven focused on the environmental risks of GM wheat, maize and strawberries.

The researchers all reached the same conclusion: there were no identifiable negative effects on beneficial organisms, microorganisms or soil fertility. Three so-called meta-analyses that looked at more than 1,000 international studies reached similar findings.

More info via GMO Pundit.

A picture speaks a thousand words!

Bintje (conventional) vs GMO potato. Via Vilt (www.vilt.be)

De proef met genetisch gewijzigde aardappelen in Wetteren is voor het tweede jaar op rij gelukt. Door de genen van de aardappel te wijzigen, is deze soort resistent geworden tegen de aardappelplaag, een schimmelziekte die vooral voorkomt bij vochtig weer.

De onderzoekers gaan nu proberen om ook andere aardappelsoorten resistent te maken, maar dat kan nog jaren duren. “Deze aardappel is een basis voor het onderzoek”, zegt professor Erik Van Bockstaele van de Universiteit Gent. “Als we volgend jaar kunnen starten met de genen in bestaande rassen in te bouwen, dan verwachten we dat we tegen 2020 deze aardappel bij de landbouwer kunnen krijgen.”

Vanochtend bezocht Vlaams minister-president Kris Peeters (CD&V) het proefveld in Wetteren. Hij vindt het zeer belangrijk dat het wetenschappelijk onderzoek wordt voortgezet, mét steun van de Vlaamse regering. “De aardappelplaag kost ons elk jaar 55 miljoen euro en de landbouwers pakken dat nu aan met het gebruik van pesticiden. Wanneer we met een gemodificeerde aardappel dit probleem kunnen oplossen is dat een serieuze vooruitgang.”

Er komt in Wetteren ook een nieuwe veldproef, maar nu met genetisch gewijzigde maïs. Het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) wil nagaan of zijn mais op het veld evenveel opbrengt als in de serre.

Wie met eigen ogen naar de genetisch gewijzigde aardappel wil komen kijken, kan zich inschrijven via www.aardappelziekte.be. Want het wetenschappelijk veld kan nu door iedereen bezocht worden, met een gids.

Artikel en video via deredactie.be 

Meer foto's vind je op de facebookpagina van Vilt.

 

The man behind the Rainbow

The curious case of the genetically modified papaya.

By Jennifer Mo.

Stop by the farmers’ market in Hilo, Hawaii, and you’ll find knobby cherimoyas, avocadoes the size of eggplants, and mounds of papayas sunset-fleshed and as smooth and sweet as custard.

That wasn’t always the case. Back in the 90s, Hawaiian papaya farmers were faced with devastation from ringspot virus, a plant virus that reduced papaya production by 50 percent within six years and just kept spreading. Small farmers faced losing their livelihoods when one plant pathologist developed a virus-resistant variety called the Rainbow and distributed the seeds to struggling farmers—for free. Fourteen years later, Hawaii’s small papaya farmers are flourishing.

There’s a lot to like about this story—the altruism of the researcher, the success of independent local farmers. But there’s one detail that could change everything about how you see it: the Rainbow papaya is genetically modified.

A gene from the ringspot virus was inserted into the papaya, where it acts like a built-in vaccine against the virus. In other words, it’s Frankenfood. Or is it?

I say GMO, you think: Monsanto, Big Ag, lobbyists, corporate interests. But none of these played a major role in the GM Rainbow papaya. And for me, that led to an important realization. Genetic engineering technology is not the same thing as Monsanto/Big Ag policy. It’s a tool. And like all tools, it can be used for good or bad ends.

Dr. Gonsalves (image originally posted on elephant journal)

I’m a skeptic, so I scoured the web for info—agricultural news sites, activist sites, USDA releases, science journals and blogs. Then I took my questions to the man who developed the Rainbow, Dr. Dennis Gonsalves, retired Professor Emeritus of Plant Pathology at Cornell and now the director of the USDA’s Pacific Basin Agricultural Center.

He’s a straight shooter, detailing the successes and challenges of the project with peer reviewed articles and independently verifiable facts. Halfway through our exchange, it hits me:

Why shouldn’t we always address our science questions to scientists, not lobbyists or activists?

In that spirit, I’ve included his answers to my questions below.

Het volledige artikel met interview vind je op biofortified.org 

The Halo Effect: Suppression of Pink Bollworm on Non-Bt Cotton by Bt Cotton in China

Abstract

In some previously reported cases, transgenic crops producing insecticidal proteins from Bacillus thuringiensis (Bt) have suppressed insect pests not only in fields planted with such crops, but also regionally on host plants that do not produce Bt toxins. Here we used 16 years of field data to determine if Bt cotton caused this “halo effect” against pink bollworm (Pectinophora gossypiella) in six provinces of the Yangtze River Valley of China. In this region, the percentage of cotton hectares planted with Bt cotton increased from 9% in 2000 to 94% in 2009 and 2010. We found that Bt cotton significantly decreased the population density of pink bollworm on non-Bt cotton, with net decreases of 91% for eggs and 95% for larvae on non-Bt cotton after 11 years of Bt cotton use. Insecticide sprays targeting pink bollworm and cotton bollworm (Helicoverpa armigera) decreased by 69%. Previously reported evidence of the early stages of evolution of pink bollworm resistance to Bt cotton in China has raised concerns that if unchecked, such resistance could eventually diminish or eliminate the benefits of Bt cotton. The results reported here suggest that it might be possible to find a percentage of Bt cotton lower than the current level that causes sufficient regional pest suppression and reduces the risk of resistance.

Pink bollworm abundance on non-Bt cotton before and after adoption of Bt cotton.

Volledige artikel in Plos One.

BIOTECHNOLOGIE IS EEN WETENSCHAP

Biotechnologie speelt een belangrijke rol bij de studie van de werking van planten. Door te onderzoeken hoe planten functioneren, kunnen gewassen met interessante eigenschappen geselecteerd worden. Het VIB-departement Planten Systeembiologie aan UGent gaf onlangs toelichting bij het kader en de context van het plantenbiotechnologisch onderzoek dat het uitvoert. We konden ook de serre met genetisch gewijzigde maïsplanten en het veld met ggo-populieren bezoeken.

Het volledige artikel, verschenen in Boer & Tuinder 1 juni 2012, pdf. 

Widespread adoption of Bt cotton and insecticide decrease promotes biocontrol services

Over the past 16 years, vast plantings of transgenic crops producing insecticidal proteins from the bacterium Bacillus thuringiensis (Bt) have helped to control several major insect pests12345 and reduce the need for insecticide sprays156. Because broad-spectrum insecticides kill arthropod natural enemies that provide biological control of pests, the decrease in use of insecticide sprays associated with Bt crops could enhance biocontrol services789101112. However, this hypothesis has not been tested in terms of long-term landscape-level impacts10. On the basis of data from 1990 to 2010 at 36 sites in six provinces of northern China, we show here a marked increase in abundance of three types of generalist arthropod predators (ladybirds, lacewings and spiders) and a decreased abundance of aphid pests associated with widespread adoption of Bt cotton and reduced insecticide sprays in this crop. We also found evidence that the predators might provide additional biocontrol services spilling over from Bt cotton fields onto neighbouring crops (maize, peanut and soybean). Our work extends results from general studies evaluating ecological effects of Bt crops123461213 by demonstrating that such crops can promote biocontrol services in agricultural landscapes.
Nature letter